Joannes Cruijtserclaes
Monday, 08 Jun 2026, 15:59Joannes Cruijtseclaas was dienstbode bij Winand Della Haye op de hoeve Neubourg in Gulpen. zo staat het in de archieven, Hij moet een bijzondere plaats hebben ingenomen, want hij was niet alleen de getuige bij de doop van Sebastian Delahaye maar bij een heleboel andere kinderen in die tijd, wellicht kinderen van arbeiders op die Hoeve. misschien was hij het hoofd van het personeel van die hoeve en trad hij op als diens vertegenwoordiging.
Ik stuit in mijn stamboom op Barbara Crutserclaes diens voorvader was Chrijsanthus Crutserclaes Bij de geboorte van Grijsanthus is Laurentia Delahaye getuige. alleen die Laurentia is niet terug te vinden. nu zijn er verschillende mogelijkheden wie die Laurentia kan zijn. Piettre Delahaye geboren ca 1580 is getrouwd met Laurette Wadeleux zie boek 3a. nu zou deze Laurette wat ook wel Laurentia werd genoemd de getuige kunnen zijn want ze overlijdt pas in 1677. en Grijsanthus ia van 1635. Chrijsantus zou de zoon van Joannes kunnen zijn geweest. Laurentia kan ook een dochter van Piettre geweest kunnen zijn, maar ze staat er niet bij. dat Grijsantes omging met die familie blijkt uit het feit dat in zijn gezin 2 kinderen Mathias heette.
en ik denk dan toch wel dat Grijsanthus een zoon van Joannes is geweest.
ik stuit op 8-1-1644 dat een Joannes Cruijtsens Trouwt met Catharina Delhaije. De verbasteringen en verschrijvingen bij de familie Crutzen is net zo erg als bij de familie Della Haye. de 2 getuigen zijn Bartholeije Delhaije en Matthias Delhaije. Catharina is de dochter van Piettre Della Haye en Laurette Wadeleux Joannes Cruitsens is de zoon van Joannes Cruijtserclaes. Bartholeije en Matthias zijn de broers van Catharina. Volgens het boek trouwt Catharina met Joannes Paulissen, maar daar staan wel meer fouten in. Joannes komt op 28-8-1644 te overlijden en daarna zal ze dan wel met die Paulissen getrouwd zijn.
Bij de geboorte van Maria Magdalena Dedelhaye stond bij 3 1633 en in Pasacken in het boek menen ze dat het kind in Pasaken geboren is maar dat is natuurlijk onzin. Vanuit het latijn is in Pasacken vertaald met de Pasen en dan vraag je Gemini wanneer de pasen was in 1633 en die geeft je dan 27 maart 1633. dat klopt dus het is immers in maart geboren de derde maand van het jaar. je leert nog een beetje latijn als je een stamboom maakt. Maria Magdalena is een dochter van Sebastianus Dedelhaije en de kleindochter van Winand de La Haye die geboren is in 1590 endhens halfbroer is Bastin De la haye.
rth
De geschiedenis van Proffesor Cortini
Sunday, 31 May 2026, 19:24Crutzen, Professor Cortini, The Great CortiniDe geschiedenis van Professor Cortini, zijn echte naam was Johan Hubert Crutzen. Hij was een broer van Paul Crutzen (mijn kapper in Chevremont toen ik klein was ) en een neef van mijn vader. Ik vond op Internet zijn levensverhaal en hoe hij wist te overleven in de Japanse kampen als krijgsgevangene.
De Grote Cortini: De goochelaar van de Changi-krijgsgevangenen
De Nederlandse goochelaar en illusionist 'The Great Cortini' (De Grote Cortini) raakte verwikkeld in de oorlog in het Verre Oosten en eindigde als krijgsgevangene van de Japanners. Hij gebruikte zijn goochelkunsten om het moreel van zijn medegevangenen op te vijzelen en om de brute en barre omstandigheden van de gevangenschap en de dwangarbeid te overleven.
Gevangene van de Japanners
Toen het Japanse leger tijdens de Tweede Wereldoorlog enorme gebieden in Zuidoost-Azië en de Stille Oceaan onder de voet liep, namen ze bijna 200.000 geallieerde soldaten, mariniers en vliegeniers gevangen. Nog eens duizenden kwamen om bij het verzet tegen de invasie.
De oorlog in Europa had de betrokkenheid van Groot-Brittannië, Frankrijk en Nederland in de regio verzwakt. Het Verre Oosten lag wijd open voor Japans droom van dominantie in heel Azië.
Een van de gevangengenomen militairen was een Nederlandse entertainer die bekendstond als The Great Cortini of Professor Cortini. Cortini (echte naam Hubert Joseph Crutzen), geboren op 29 december 1912, kwam uit Vaals in het zuidoostelijke puntje van Nederland. Van beroep was hij goochelaar/illusionist, en tijdens de oorlog diende hij als soldaat (soldaat der tweede klasse) bij een transportdivisie.
Cortini bevond zich in Magelang, Centraal-Java, waar hij de verdediging van Nederlands-Indië (het huidige Indonesië) ondersteunde toen de Japanners op 17 december 1941 een campagne startten om de eilanden te veroveren. De invasie begon tien dagen na de Japanse aanval op de Amerikaanse marinebasis Pearl Harbor in Hawaï, die ertoe leidde dat Nederland de oorlog verklaarde aan het Keizerrijk Japan.
(Afbeelding: Soldaten van het Keizerrijk Japan op een aanvalsschip tijdens WO2 — Bron: Publiek domein)
Naarmate de Japanse invasie van Nederlands-Indië vorderde, namen zij duizenden Nederlandse militairen en burgers gevangen. Java gaf zich formeel over aan de Japanners op 12 maart 1942. Op of rond deze datum (waarschijnlijk 17 maart) werd Cortini krijgsgevangene (POW).
Aanvankelijk hielden de Japanners het gevangengenomen personeel vast op de eilanden waar ze gevangen waren genomen. Zo bracht Cortini zijn eerste acht maanden als krijgsgevangene door op Java.
Eind 1942 transporteerden de Japanners echter veel van de Nederlandse krijgsgevangenen en burgergeïnterneerden van Java en Sumatra naar Singapore, waar de meeste Britse, Australische en andere geallieerde gevangenen werden vastgehouden.
Cortini werd vervoerd op een schip dat overvol zat met andere krijgsgevangenen (bekend als een hell ship vanwege de erbarmelijke omstandigheden en de vele sterfgevallen tijdens de reis) vanuit Batavia, de hoofdstid van Nederlands-Indië [nu Jakarta in Indonesië]. De SS Oryoku Maru vertrok op 27 oktober 1942 uit Batavia met krijgsgevangenen Groep Nr. 5 en kwam een week later, op 2 november, aan in Singapore.
(Afbeelding: SS Oryoku Maru, een Japans passagiers-/troepenschip gebruikt voor het transport van krijgsgevangenen — Bron: Wikipedia)
De bestemming van de krijgsgevangenen, Singapore, was in februari 1942 in handen van de Japanners gevallen toen het door de Britten geleide garnizoen daar gedwongen werd zich over te geven. De Japanners hielden zo'n 3.000 burgers vast in de Changi-gevangenis in het oostelijke deel van het eiland en bouwden een complex van nabijgelegen kazernes van het Britse leger om tot een kamp voor 50.000 geallieerde krijgsgevangenen.
De Changi concertparty's
Cortini kwam begin november 1942 aan op het schiereiland Changi. Tegen die tijd hadden de gevangenen verschillende concert parties (theatergezelschappen) opgericht om de verveling van de gevangenschap tegen te gaan. Deze concertparty's waren groepen entertainers, deels amateur en deels professioneel, samengesteld uit de rangen van de eenheden die krijgsgevangen werden gehouden of de burgers die samen met hen vastzaten. Ze voerden toneelstukken, musicals, variétéshows, concerten en ander amusement op om het moreel van hun publiek te stimuleren.
In de eerste maand dat Cortini arriveerde, trad hij op in een variétéshow met de 18th Division Concert Party. Dit gezelschap bestond uit tien artiesten, waaronder de Britse artillerist en lid van The Magic Circle, Fergus Anckorn. De krijgsgevangenen voerden de show op in The New Windmill Theatre, een podium/gehoorzaal gebouwd in een voormalig NAAFI-gebouw (kantinegebouw). Cortini, een net gearriveerde attractie, was de hit van de show:
"De Nederlandse illusionist, 'Professor' Cortini, trad met ons op. Hij was natuurlijk nergens professor in. Sterker nog, hij was nauwelijks opgeleid, maar hij was een eersteklas illusionist."
Als professioneel goochelaar nam Cortini uiteraard het voortouw bij de oprichting van een Nederlandse concertparty.
"Hij noemde zichzelf 'the Great Cortini' en zijn act heette 'Cortini's Magical Eye'. Zijn troupe noemde hem 'de Professor' en toen ik ging kijken of ik hem kon ontmoeten, werd mij door zijn troupe verteld: 'De Professor rust momenteel uit. Je zult later moeten terugkomen.' Welnu, ik ging later terug en had een goed gesprek met 'de Professor'. Hij nodigde me uit om als goochelaar deel te nemen aan zijn show..."
In januari 1943, twee maanden na hun eerste gezamenlijke optreden, werkten de twee samen aan een volledige show die in het teken stond van magie. Magic Nights werd opgevoerd in een ruimte die bekendstond als The Palladium Theatre in de buurt van het Roberts Hospital binnen het krijgsgevangenencomplex. Anckorn herinnerde zich:
"Omdat de faciliteiten van het theater zo goed waren, brachten we volledige goochelshows, met de illusie-act van de Professor – mensen doormidden zagen en dat soort dingen – en ik die een bescheiden hoeveelheid goochelwerk deed."
"Eén show die we deden begon in een macabere toon, passend bij onze omgeving. Het licht ging uit en de gordijnen werden gedeeltelijk geopend, waarna de Professor daar tussen stond. Maar terwijl je keek, veranderde hij geleidelijk in een skelet – een compleet skelet – en daarna veranderde hij weer in een man, boog en verdween achter de sluitende gordijnen."
Andere illusies omvatten een guillotine, een zweefact en mogelijk een act met levende dieren.
(Afbeeldingen: Een programma voor de Magic Nights, met in de hoofdrol The Great Cortini en Fergus Anckorn (januari 1943) & De lijst met acts in de Magic Nights-show — Bron: The Jack Wood Collection)
Gezien het feit dat Cortini een krijgsgevangene was in een krap, smerig kamp, is het ongelooflijk dat hij ten eerste een avondvullende goochelshow op poten wist te zetten, en ten tweede dat deze ogenschijnlijk hoogwaardige illusies bevatte. Ik ken geen andere voorbeelden van goochelkunst die op deze schaal tijdens de Tweede Wereldoorlog in een ander krijgsgevangenenkamp werd beoefend.
Cortini heeft mogelijk enkele kleine rekwisieten kunnen behouden toen hij gevangen werd genomen en tijdens zijn gevangenschap op Java en zijn overplaatsing naar Singapore, maar de rest moet hij hebben gemaakt terwijl hij vastzat in het Changi-complex. De schaal van zijn show in Changi was zo groot dat hij werd ondersteund door zijn eigen gezelschapsmanager, toneelmeester, elektricien en assistenten (gekozen uit zijn mede-krijgsgevangenen).
(Afbeeldingen: Geallieerde krijgsgevangenen in het Changi-complex in het oosten van Singapore & Een artiest op een geïmproviseerd podium in Changi — Bronnen: Imperial War Museum / Publiek domein)
Na enkele maanden van overbevolking in de Changi-gevangenis en de nabijgelegen kazernes, selecteerden de Japanners groepen krijgsgevangenen om van het schiereiland Changi te verhuizen naar nieuwe kampen in Thailand. De Japanners beloofden betere omstandigheden. Maar de herplaatsing werd een reis naar de hel.
De Dodenspoorlijn
Om hun oorlogsinspanningen te ondersteunen, besloten de Japanners een spoorlijn aan te leggen van Thailand naar Birma. Dit stelde hen in staat om hun troepen die tegen de geallieerden vochten in Birma over land te bevoorraden, waarmee ze zeeroutes omzeilden die kwetsbaar waren voor aanvallen van geallieerde oorlogsschepen en onderzeeboten. Zodra de spoorlijn voltooid was, waren de Japanners van plan de Britten in India aan te vallen, evenals de geallieerde bevoorrading naar China.
De bouw van de Thailand-Birma spoorweg (ook bekend als de Birma-Thailand of Birma-Siam spoorweg) begon medio 1942. Deze liep van Nong Pladuk in Thailand naar Thanbyuzayat in Birma (nu Myanmar). Het was een monumentale constructie-inspanning die meer dan een jaar in beslag nam, waarbij de 415 kilometer lange route van de spoorweg door rijstvelden, dichte jungle en heuvels sneed en verschillende rivieren overstak.
(Afbeelding: De Dodenspoorlijn — Bron: Philip Cross)
Om troepen vrij te maken voor andere fronten, zette het Japanse leger 60.000 krijgsgevangenen en gedetineerden in om de spoorweg te bouwen. Hieronder bevonden zich troepen uit het Britse Rijk, Nederlandse en koloniale militairen uit Nederlands-Indië en enkele honderden Amerikaanse militairen die grotendeels tijdens de Slag in de Javazee gevangen waren genomen. Toen deze manschappen niet in staat bleken te voldoen aan de krappe deadlines die de Japanners voor de voltooiing van de spoorweg hadden gesteld, lokten of dwongen ze 200.000 Aziatische arbeiders (rōmusha's) om voor hen te werken.
Gevangenen op het schiereiland Changi werden naar werkkampen in Birma of Thailand gestuurd om de spoorlijn aan te leggen. Cortini werd op 15 januari 1943 vanuit Singapore naar het binnenland ('up country') getransporteerd. Er wordt aangenomen dat hij eerst naar een kamp in Nong Pladuk werd gestuurd. Gelegen tussen de rijstvelden en bananenplantages, was Nong Pladuk het startpunt voor de Thaise kant van de spoorweg. Maar mogelijk is hij daar niet lang gebleven, aangezien hij, net als veel van het Nederlandse contingent krijgsgevangenen, in Birma belandde. Hij was gestationeerd in Regue, op 100 kilometer van het einde van de spoorlijn.
(Afbeelding: Krijgsgevangenen in het Verre Oosten aan het werk aan de Thailand-Birma spoorweg — Bron: BBC)
Uitgehongerd, zonder medicijnen en gedwongen om onmogelijk lange uren te maken op afgelegen, ongezonde locaties, kwamen meer dan 14.000 krijgsgevangenen om het leven bij de aanleg van de spoorweg. Het aantal dode rōmusha's bereikte waarschijnlijk de 94.000.
Het sterftecijfer onder de Nederlandse gevangenen en gedetineerden die aan de spoorweg werkten, bedroeg 16%.
Mentale ontsnapping aan de dwangband
Ontsnappen uit de krijgsgevangenenkampen in Thailand en Birma was praktisch onmogelijk. De bases lagen te ver van de bevriende linies, de reis was te gevaarlijk en de overlevingskansen waren te klein.
In plaats daarvan zochten sommige krijgsgevangenen een mentale ontsnapping en vonden de energie om 's avonds of op incidentele rustdagen amusement te organiseren voor hun medegevangenen.
Het werken aan kampamusement gaf de betrokkenen een doel en een gevoel van teamgeest terwijl ze aan de spoorlijn zwoegden. En wanneer de gevangenen het toneelstuk, de revue of het concert opvoerden, bracht dat een oprecht gevoel van voldoening. Dit soort zaken was moeilijk overeind te houden onder de barre omstandigheden waarmee de krijgsgevangenen in het Verre Oosten kampten. Een tweede voordeel was simpelweg plezier en escapisme. De artiesten en het podiumpersoneel konden vanaf een vroeg stadium van de repetities opgaan in de productie. Tijdens de voorstellingen konden zij en hun publiek voor een uurtje of twee ontsnappen naar een gelukkiger wereld.
Charles Pryor, een matroos die de ondergang van de USS Houston overleefde en eindigde als een van de weinige honderden Amerikaanse krijgsgevangenen die aan de spoorlijn werkten, herinnerde zich dat hij een van Cortini's geïmproviseerde optredens zag in Hlepauk, aan de rand van de Birmaanse jungle:
"Ik denk dat we zes weken werkten voordat we onze eerste yasumi [Japans voor rustdag] hadden. Ik weet nog dat toen die eerste dag aanbrak, een paar jongens met talent een concert organiseerden; we verzamelden ons op een stukje hoger gelegen grond daarbuiten en lieten dat het podium zijn. Degenen die iets konden, zongen een liedje of droegen een gedicht voor of zoiets... We hadden een Nederlander bij ons die een professionele goochelaar was [Cortini]. Natuurlijk was hij een goede entertainer... Sommige rōmusha's uit een naburig werkkamp kwamen naar de show kijken, maar toen de goochelaar een truc deed waarbij een zakdoek in de lucht danste, maakten ze dat ze wegkwamen."
Cortini's goochelkunsten hielpen hem de barre omstandigheden van zijn gevangenschap en dwangarbeid te overleven. Toen zijn Japanse bewakers hoorden van zijn talent, liet de kampcommandant de Nederlander vaak halen om trucs te vertonen. Hij verwierf daarmee een bevoorrechte, hoewel gevaarlijke positie. Sommige bewakers waren zo onder de indruk van Cortini's magische effecten dat ze diep bogen uit respect wanneer ze hem zagen, en hem af en toe onbegeleid het gevangenenkamp lieten verlaten.
(Afbeelding: Een Japanse krijgsgevangenenkaart voor Cortini (Johan Hubert Crutzen) — Bron: Nationaal Archief)
Een reizend theatergezelschap
In november 1943, een jaar na de aankomst van de eerste krijgsgevangenen uit Singapore om aan de Birmaanse kant van de spoorweg te werken – en een maand nadat de spoorweg grotendeels voltooid was – verordonneerde de Japanse commandant aldaar dat er ter gelegenheid hiervan een reeks revueshows door krijgsgevangenen gehouden moest worden. Een groep gevangengenomen artiesten werd uit verschillende kampen samengesteld tot een reizend gezelschap, een zogenaamde 'flying concert party'.
Variétéshows of revues vereisten de minste repetitietijd en waren voor de krijgsgevangenen het makkelijkst te organiseren. Aan elkaar gepraat door de grappen en het commentaar van een conferencier, of een flinterdun verhaallijn, konden ze de meest uiteenlopende artiesten herbergen die in het kamp te vinden waren.
Cortini werd gevraagd om zich bij deze multinationale concertparty aan te sluiten, waar hij optrad naast Britten, Australiërs en anderen. Met een minimale voorbereiding en repetitietijd gaf de concertparty haar eerste optreden op 19 november in het werkkamp Aungganaung (kilo 105), alvorens te beginnen aan een hectische vijfdaagse tournee.
Het reizende gezelschap pendelde op en neer langs de lijn en trad op in de werkkampen van de krijgsgevangenen, waarvan de meeste zelf geen entertainment hadden. Ter voorbereiding op het bezoek van de groep gaven de Japanners de gevangenen in kampen zonder podium de opdracht er een te bouwen.
Na een jaar zwoegen aan de spoorlijn was de show een welkome, zij het vluchtige, verlichting voor de gevangenen.
Na de show in Little Nikki, net over de grens in Thailand, schreef majoor Jim Jacobs van de spoorleggende Mobile Force No. 1 over het bezoek van de concertparty:
"Ze gaven ons die avond een schitterende show... Het was een professionele, verfrissende show die onomstotelijk bewees dat er, ongeacht het lijden, altijd een groep is die ellendige momenten kan minimaliseren en het moreel kan opbouwen."
De driehonderd Nederlanders/Indische Nederlanders die vanuit het hoofdkamp in Little Nikki waren komen lopen om naar het concert te luisteren, deelden zijn mening.
In Paya Thanzu Taung zei krijgsgevangene Arnold Jordon:
"Een van de mooiste staaltjes van tovenarij en vliegensvlugge vingervlugheid die men zich waar dan ook zou kunnen wensen, werd gegeven door een slimme jonge Nederlandse jongen [Cortini] die, met niet meer dan een gescheurd overhemd om zijn magere ribbenkast te verbergen en dienst te doen als de wijde mouwen van het vak, ons verrukte met zijn optreden."
Goochelen zonder rekwisieten en geheime hulpmiddelen is ongelooflijk moeilijk, maar Cortini improviseerde en overwon deze uitdagingen. Voorbeelden van de trucs die hij uitvoerde waren het laten zweven van ijzeren staven en het tevoorschijn toveren van munten uit blokken hout.
Op weg van de flying concert party naar Khonkhan, het meest westelijke kamp van hun tournee, stopte het gezelschap in Regue, het thuiskamp van Cortini en diverse andere Nederlandse/Indische artiesten uit de groep. Daar gaven ze twee voorstellingen voordat ze naar Khonkhan vertrokken. Ze sloten hun tournee op 23 november af in Mezali, waar ze drie dagen later een galavoorstelling (command performance) gaven voor luitenant-kolonel Nagatomo.
Nagatomo stelde voor om van de concertparty een permanent gezelschap te maken dat langs de kampen van de spoorweg zou blijven reizen. De artiesten wilden echter niets van dat plan weten, omdat ze het onrechtvaardig vonden om permanent te entertainen terwijl hun mede-krijgsgevangenen zwoegden. Twee dagen na de galavoorstelling ging de sterrenploeg uit elkaar en keerden de leden terug naar hun eigen kampen.
Verder trekken
Een maand later, in december 1943, trad Cortini op in een andere show. De productie, in Regue, was een uitgebreide Afscheidsvoorstelling georganiseerd door de Rimboe Club, een van de concertparty's. Andere acts op het programma waren een openingsrepertoire door van Dorst (de adjudant van de Nederlandse eenheid); een mappentrommel door van Dalmen "en zijn mannen"; van Damm met zijn muzikanten, de "Dutch Blue Four"; en een finale met een 'Miss Waikiki' die een Hawaïaanse hula uitvoerde.
(Afbeelding: Souvenirprogramma voor de Afscheidsvoorstelling met Cortini (december 1943) — Bron: Lodewikus D. De Kroon, Museon, Den Haag)
Ze zetten de show op ter ere van een groep krijgsgevangenen uit Regue die vertrok naar een nieuw basiskamp in Thailand. Cortini werd in een latere groep naar Thailand gestuurd. Er volgde nog meer zware arbeid.
Er zijn ook aanwijzingen dat hij eind 1944 of 1945 naar Frans-Indochina [nu Vietnam, Cambodja en Laos] is gestuurd.
Overwinning op Japan
Na die afscheidsvoorstelling in Regue duurde het nog 18 maanden voordat de geallieerden het Keizerrijk Japan op 15 August 1945 tot overgave dwongen. Met veel geluk, en een beetje hulp van zijn magie, overleefde de 32-jarige Cortini de Japanse gevangenschap. Hij was zwaar ondervoed en ziek, maar hij leefde.
Het is goed gedocumenteerd dat de entertainers onder de krijgsgevangenen en burgergeïnterneerden, met hun muziek, magie en vrolijkheid, een cruciale rol hebben gespeeld bij het helpen van de gevangenen aan de Thailand-Birma spoorweg om de onvoorstelbare ontberingen van dat bouwproject en de jaren van gevangenschap die volgden te doorstaan.
Het amusement dat zij produceerden, maakte voor velen het verschil tussen leven met hoop en wegzinken in wanhoop.
Aan boord van een transportschip dat na de bevrijding naar huis voer, werd de waarde die entertainment in het leven van de krijgsgevangenen had gespeeld besproken door militaire artsen. "Er zijn veel levens gered," zeiden ze. "Niet alleen onder degenen die daadwerkelijk ziek waren, maar ook onder degenen die gemakkelijk bezweken zouden zijn als ze geen reden hadden gehad om te leven."
Na de oorlog
Na de oorlog vertrok Cortini naar Nederland om te herstellen en zijn carrière in de goochelkunst weer op te pakken.
Terug in Amsterdam in zijn vaderland bezocht Cortini in augustus 1946 een Internationaal Goochelaarscongres. Het congres bracht 300 goochelaars uit heel Europa samen. Onder de ingeschrevenen bevonden zich twee andere voormalige krijgsgevangenen uit het Verre Oosten, waaronder Fergus Anckorn.
(Afbeelding: Artikel over Cortini's deelname aan het Internationaal Goochelaarscongres — Bron: Dundee Evening Telegraph, 12 augustus 1946)
Het internationale congres leidde twee jaar later tot de oprichting van de Fédération Internationale des Sociétés Magiques (FISM), die vandaag de dag nog steeds bestaat.
Toen het theaterwerk in de jaren vijftig plaatsmaakte voor hotel- en nachtcluboptredens, werd Cortini een nachtclubgoochelaar. Hij toerde internationaal en keerde zelfs terug om op te treden in Singapore.
(Afbeelding: Een zeldzame foto van Cortini tijdens een optreden in Calcutta, India (1960) — Bron: H.M. Vakil’s ‘Cigam’ Magazine, 1960)
Hij vestigde zich in Amsterdam en opende daar op latere leeftijd een goochelwinkel.
Een link met Houdini?
Als krijgsgevangene, en wellicht ook voor en na de oorlog, profileerde Cortini zich als een vermeende neef van de Hongaars-Amerikaanse goochelaar en boeienkoning Harry Houdini. Fergus Anckorn deed dit af als een promotiestunt. Maar als we nog eens kijken naar Cortini's krijgsgevangenenkaart in dit blog, staat daar dat de naam van Cortini's moeder A.B. Houdini was...
Het is echter hoogst onwaarschijnlijk dat Cortini familie was van Harry Houdini. De achternaam Houdini was een verzonnen artiestennaam, gevormd door een 'i' toe te voegen aan de naam van een beroemde negentiende-eeuwse Franse goochelaar genaamd 'Houdin'. Er waren dus geen familieleden die de achternaam 'Houdini' droegen; hun werkelijke achternaam was Weisz (verengelscht tot Weiss). Bovendien had Houdini slechts één zus, die in Amerika werd geboren en woonde, en zij heette Carrie Gladys Weiss.
Hij was geen familie van Houdini, wel van mij. Ik schreef hem in 1992 een brief en daar kwam heel veel later een antwoord op, in de brief stond dat ik hem niet kwalijk moest nemen dat zijn Nederlands slecht is, want om de brief te kunnen schrijven had hij eerst lezen en schrijven moeten leren. Nadat hij weer terug was uit het verre oosten, is hij gaan wonen in Lanaken. Hij had 1 zoon in Nijmegen wonen die in een begeleid wooncomplex woonde waar geestelijk gehandicapte mensen woonden. vader en zoon hadden geen contact. in. de jaren 90 heeft er een artikel in de krant gestaan waar de zoon de vader zocht en zo ben ik aan zijn adres gekomen. Ik denk dat hij niet meer leeft, dan zou hij 114 jaar moeten zijn geworden. Ik heb nog eens een van zijn ex vrouwen aan de telefoon gehad die ook naar hem opzoek waren.
Jan Crutzen een zoon van zijn broer Paul Crutzen, heeft met hem opgetreden zo vertelde hij mij eens.
kleine wereld
Monday, 04 May 2026, 16:48De Oma van Mathias Delahaije mijn opa was Maria Judith Bruls. Nu heb ik een pagina gevonden over die familie Bruls. Petrus Bruls trouwt met Catharina Vlodrops en het huwelijk is in 1717 in Klimmen. ze krijgen 7 kinderen. Onze lijn ligt op Godefridus Bruls en die is geboren in 1724. Zijn broer is Petrus Bruls en die is geboren in 1736. Petrus Bruls trouwt in 1769 met Catharina Gertrudis Limpens Geboren in 1738 nu is de vader Henricus Limpens en de moeder Anna Maria Gelekercken en dat echtpaar had ik al in de stamboom staan. de broer van Catharina Gertrudis Limpens is Henricus Limpens Deze Henricus is getrouwd met Joanna Catharina Delahaye geboren 25-8-1748 en overleden 3-2-1831 De vader daarvan is Thomas Antonius Delahaye verder terug zie ik dat een van de Bruls trouwt met een Agnes Beckers. de families moeten elkaar gekend hebben lang voordat mijn oma met mijn opa trouwde.
Een programma Crash
Wednesday, 22 Apr 2026, 16:41Wat bijna nooit voorkomt bij Apple is dat er een programma crasht en dat gebeurde met mijn RapidWeaver waar ik de websites mee maak een hele boel documenten kreeg ik niet meer open. Dan ben ik opzoek gegaan hoe ik dat kon verhelpen en dat is me gelukt, via een hele grote omwegen, ik denk dat er weinigen zijn die op die op dat idee gekomen waren. Op het moment dat je een oud document probeert te openen dan krijg je geen ander document meer open, dan doen ze het allemaal niet meer, dus al mijn 5 sites kreeg ik niet meer open. Toen heb ik gezocht naar de Preferences van het programma en die stonden ergens anders dan ik verwachte, dat ze moesten staan. Toen heb ik een nieuw document aangemaakt die een naam gegeven in het document gegaan ook in het oude document gegaan en een paar mappen van het oude document in het nieuwe gezet en toen werkte een gedeelte van de website weer. De rest ben ik nu aan het aanpassen. Dus ik moet nog de foto's van het pagina hoofd bij sommige pagina's weer opnieuw maken, maar dat komt wel. ik heb meteen enkel zwart wit foto's vervangen door AI foto's en sommigen met een fantastisch resultaat.
Dus excuses als het niet zo meer uitziet als het was.
107 jaar
Wednesday, 22 Apr 2026, 11:37Een dochter van Maria Clementina Delahaye te weten Paulina Maria Leonartina Dahmen was ooit de oudste vrouw van Limburg. Ze stamde uit een gezin van 16 kinderen zelfs 1 meer als bij mijn moeder thuis. in dat gezin waren wel meer oudere van in de 90 jaar te vinden waarvan 1 bijna 99 jaar werd. Maar Paulina verslog iedereen. Zij werd maar liefst 107 jaar 3 maanden en 8 dagen. Ze was geboren 1-4-1905 in Hoensbroek en overleed 9-7-2012 in Amstenrade. Het zou Kunnen in Huize Elvira, waar wel meer familieleden zaten die oud geworden zijn. Uit de advertentie in mensenlinq staat dat ze niet dement was.
Bruno Siegfried Majcherek
Sunday, 19 Apr 2026, 11:23Leila, zangerHij staat in de stamboom. op de lijn van de familie Delahaye
Bruno Siegfried Majcherek (1936–2020) was een markante Nederlands-Duitse zanger en muzikant die vooral in de jaren '60 en '70 grote bekendheid genoot. Hij werd vaak geassocieerd met het levenslied en de volksmuziek, waarbij hij een brug sloeg tussen de Nederlandse en Duitse cultuur.
Hier zijn enkele belangrijke feiten over zijn leven en carrière:
Muzikale Doorbraak
Majcherek werd landelijk bekend met zijn grote hit "Laila". Dit nummer groeide uit tot een klassieker in het genre en zorgde ervoor dat hij een veelgevraagde artiest werd in zowel Nederland als Duitsland. Zijn stijl kenmerkte zich door een warme stem en een toegankelijke, volkse presentatie.
De Zanger en zijn Accordeon
Naast zijn zangtalent stond hij bekend om zijn vaardigheid op de accordeon. Dit instrument was onlosmakelijk verbonden met zijn optredens en versterkte het melancholische, maar gezellige karakter van zijn muziek.
Achtergrond en Betekenis
Herkomst: Gebonden aan de mijnstreek (zijn familie had Poolse wortels en hij woonde lang in Zuid-Limburg), weerspiegelde zijn muziek de multiculturele arbeiderscultuur van de mijnen.
Veelzijdigheid: Hoewel "Laila" zijn grootste commerciële succes was, bleef hij decennialang optreden en behield hij een trouwe schare fans, met name in het nostalgische circuit.
Wist je dat? Bruno Majcherek niet alleen zong, maar ook een verdienstelijk wielrenner was in zijn jonge jaren voordat de muziek zijn volledige aandacht opeiste.
Hij overleed in 2020 op 84-jarige leeftijd, maar blijft in de harten van veel liefhebbers van het levenslied voortbestaan als de man die met zijn accordeon en "Laila" de harten wist te raken.
Jozef Hubertus Alphonsus Heuts de Koster van Terwinselen
Monday, 30 Mar 2026, 14:03Heuts, Kerk, Koster, Maria Onbevlekte Ontvangenis, TerwinselenJozef Hubertus Alphonsus Heuts, daar stuitte ik op in de lijn van Maria Helena Delahaije geboren 11-2-1805 en getrouwd met Leonard Joseph Willems dus gewoon een afstammeling van een Delahaije. Alphons Heuts is getrouwd met Josephina Pisters en zij is in 1917 geboren. het Huwelijk vind plaats in Maastricht Jozef Hubertus Alphonsus Heuts is de jongste in een gezin van 7 kinderen en hij is het enige jongetje. in tegenstelling met 2 zussen die boven hem komen en die respectievelijke 89 en 82 jaar oud worden, kom hij al in 1963 te overlijden en hij was toen 50 jaar. Hij woonde in Kerkrade. Dat zette me aan het denken. Toch maar eens gaan zoeken op Delpher of hij niet toevallig in de krant staat. en jawel hoor Hij was Koster van de Parochiekerk Maria Onbevlekte ontvangenis in Terwinselen en hij had 2 kinderen Mariet Is volgens mij net zo oud als Magda en Alfonsje deze jongen was blind.
Ik zie hem nog naar de kerk lopen elke morgen als ik om 7 uur naar de Kerk ging. Ergens waren we ook nog familie.De wereld is klein.
Mariet ben ik nog eens tegengekomen. Ze woonde niet zover van me af toen ik op het Aarveld woonde. Ik heb een fotoboek van haar gekregen.
Gemini is toch wel handig
Thursday, 19 Feb 2026, 12:53Ik ben begonnen in boek 6b hoofdstuk 10.
Thomas Reiners Lahaije trouwt met Margaretha Beuth en krijgen 10 kinderen. Een van de kinderen is Amelie Joanna Josepha Lahaye. ze trouwt met Jean Guillaume Leurs of Loers
omdat ik de geboorte datum niet heb van Amelie vraag ik die aan Gemini. ze is geboren 20-2-1781 in het boek staat 1780. ik vraag voor de zekerheid de geboortedatum van Jean Guillaume en die verschilt met het boek en met openarch. ook de ouders van Jean Guillaume zijn anders. ik vraag Gemini om opheldering. Hij gaf me dit antwoord.
1. De Jean Guillaume van Pierre en Helene (Open Archieven)
Geboorte: 16 februari 1761 in Born.
Overlijden: 19 februari 1836 in Born.
Echtgenote: Deze Jean Guillaume was getrouwd met Maria Sibilla Sijben (gehuwd op 19 oktober 1784).
Verwarring: Omdat hij ook in Born woonde en dezelfde naam had, koppelen zoekmachines hem soms foutief aan Amelie Lahaije, maar hij was een generatie ouder (hij was al 45 toen uw Jean Guillaume trouwde).
2. De Jean Guillaume van Amelie Lahaije (Uw voorouder)
Geboorte: 24 juli 1777 in Born.
Ouders: Joannes Wilhelmus Leurs en Cornelia Pijls.
Huwelijk: 4 oktober 1806 met Amelie Joanne Josepha Lahaije.
Overlijden: 25 november 1848 in Born.
Hoe weet u zeker wie de juiste is? In de huwelijksakte van 1806 tussen Jean Guillaume Leurs en Amelie Lahaije staat letterlijk:
"...Jean Guillaume Leurs, oud 29 jaar, geboren te Born op 24 juli 1777, zoon van wijlen Jean Guillaume Leurs en Cornelia Pijls..."
Graet inge italiender deel 2.
Wednesday, 18 Feb 2026, 17:01Ik ben eens met Gemini aan de slag gegaan over Jean Guillaume Crutzen en Arnold Honger.
Jean Guillaume is geen 102 jaar geworden. hij is naar alle waarschijnlijkheid omgekomen in de slag met Rusland, want in het archief van Parijs staat hij als vermist.
De naam Honger en Hongre is het zelfde. Zeker het feit dat ze steenhouwers waren speelt een grote rol. Het waren gastarbeiders die als vaklui vanuit andere landen gehaald werden om hier Kerken en kastelen op te knappen. Het slavische uiterlijk wat we hebben, is afkomstig van Anna Maria Hunger of Hongre
dit schrijft Gemini er over:
In de 17e eeuw kwamen gespecialiseerde steenhouwers en beeldhouwers uit Centraal-Europa (het huidige Hongarije, Slowakije en de Oostenrijkse erflanden) massaal naar het westen. Ze stonden bekend om hun vakmanschap in hardsteen en marmer.
Hier is wat ik heb kunnen vinden en hoe je verder kunt:
1. De "Hongaarse" Steenhouwers in de regio Luik/Aken
Rond 1650-1700 was er een grote vraag naar tailleurs de pierre voor de wederopbouw van kerken en kastelen na de Dertigjarige Oorlog en de Franse invasies.
In de archieven van de Corporatie van de Steenhouwers (Métier des Maçons et Tailleurs de Pierre) van Luik en Aken duiken vaker buitenlandse gezellen op.
De naam Le Hongre werd in de gildenregisters vaak gebruikt als een soort vaknaam voor deze Centraal-Europese specialisten voordat ze een vaste familienaam aannamen.
2. De connectie met Gemmenich
Gemmenich ligt in de buurt van de belangrijke kalksteen- en zandsteengroeven. Steenhouwers waren vaak verbonden aan specifieke werven.
Omdat je Arnold Hunger (ca. 1679-1762) als steenhouwer hebt geïdentificeerd, is de kans groot dat hij zijn opleiding heeft gehad in een van de grote steden (Aken of Luik) en zich daarna als meester in Gemmenich heeft gevestigd.
In de regio Montzen/Gemmenich was de familie Hunger generaties lang betrokken bij het kappen van grafkruisen en bouwstenen.
Wat kun je met AI
Tuesday, 10 Feb 2026, 19:27Deze foto vond ik in een album van Saskia. Het is het 40 jarig huwelijksfeest van Tante Bertha en Ome Hub. Mijn moeder draagt met tante Tila iets voor. Op deze foto staat alleen mijn moeder. De foto is slecht en wazig. ik heb hem in Chat Gpt gezet en dat had een bevredigend resultaat zoals je op de voorpagina kunt zien.
Ik had ook nog een zeer slechte foto van Albert met Frida.
kijken wat me nog meer kunnen toveren met AI
Het bijzondere Verhaal Van Gerard du Bruin
Friday, 06 Feb 2026, 16:44Gerard du Bruin is een afstmammeling van Maria Gertrudis Delahaije geboren 14-6-1804 overleden 11-12-1879 als je de vrouwelijke lijn dan verder afgaat kom je bij Gerard du Bruin uit.
Maria staat in boek 6b blz 142
Het gedicht is van zijn zus Frederika (Frida) du Bruin aan de zoon van Gerard du Bruin, die ook Gerard du Bruin heet.
Je vader was allang een statenloze
in ’t blijde uur, toen jij het leven zag
‘k Zie hem nog voor jouw wieg staan met zijn broze
gestalte, en ik zie de rode vlag.
Waarmee hij ver daarvoor vertrok naar Spanje
Hij was zachtmoedig, doch hij koos voor het front
der strijders tegen ’t moordend allemanje
Verslagen kwam hij terug, dubbel verwond …
Vermomd in jas en een dwaas herenpetje
Wie hielp een statenloze in die tijd?
Er kwam een nieuw vies woord, een smerig wetje:
’t BEVRIENDE staatshoofd en NEUTRALITEIT.
Dat woord sloeg klauwen uit: Vermeende vrinden
sloten dat vunze non-agressiepact
De laffe moordenaars zouden hem vinden
In ’41 is hij opgepakt.
En naar dat oord gebracht, waar geen verweer is,
Zijn magere hand gebald in macht’loosheid
Misschien wel door dezelfde louche smeris,
Die bleke burger vol gehoorzaamheid.
Je vader was geen vechter, geen gespierde,
Tegen het fascisme stelde hij zich te weer
Toen jij in ’45 vrijheid vierde,
Met al je vriendjes, was hij er niet meer
Gedicht over Spanjestrijder Gerard du Bruin Amsterdam 1912 – Neuengamme 1942
Gerard du Bruin
Gerard du Bruin (1912-1942), van vaderszijde van Joodse afkomst, was overtuigd communist. Daarom meldde hij zich in 1937 als vrijwilliger aan bij de Internationale Brigades om mee te vechten aan de Republikeinse zijde in de Spaanse Burgeroorlog (1936-1939). Toen Gerard in 1939 in Amsterdam door Riek de Raat werd geportretteerd, was de Spaanse burgeroorlog al gewonnen door dictator Francisco Franco. Gerard en Riek zouden snel daarna in een tweede oorlog verwikkeld raken.
Spanjestrijders
Georganiseerd door het Komintern, werden in november 1936 de eerste twee Internationale Brigades ingezet in Spanje. De wervingscentrale was gevestigd in Parijs. De werving zelf was in handen van nationale en lokale communistische partijen. In Nederland moesten de Spanjestrijders in spe toestemming vragen aan de CPN. Als iemand naar Spanje mocht vertrekken, dan kreeg deze een kaartje voor de trein naar Parijs en zo nodig geld voor een legitimatiebewijs.
XIde Brigade
In totaal hebben zo’n 35.000 man, waaronder 700 Nederlanders, deel uitgemaakt van de Internationale Brigades. De meeste Nederlanders, ingedeeld naar taalovereenkomst, vochten mee in het Duitstalige Edgar Andrébataljon of – zoals Gerard – in het Thälmannbataljon, beide onderdeel van de XIde Brigade.
Repatriëring
Gerard werd door zijn naasten beschreven als een jongen die zijn draai niet kon vinden. Misschien dat hij daarom naar Spanje vertrok. De International Brigades werden voornamelijk ingezet als stoottroepen en de verliezen waren groot. Gerard is uiteindelijk geestelijk ingestort en waarschijnlijk in 1938 gerepatrieerd.
Tweede Wereldoorlog
Zoals het lot van veel verdedigers van de Spaanse Republiek, geraakte Gerard van de ene oorlog in de andere. In Nederland ging hij in het verzet. In 1941 werd hij opgepakt en gedeporteerd naar kamp Neuengamme nabij Hamburg, waar op 19 november 1941 de eerste 270 (van de bijna 7000) Nederlanders arriveerden. Onder hen bevonden zich voornamelijk vroeg in de oorlog gearresteerde communisten. Minder dan een jaar later, op 11 juni 1942, werd Gerard in een geheime en experimentele gaskamer van het Benburg Euthanasie Centrum vermoord.
‘Een statenloze’
Je vader was allang een statenloze
in ‘t blijde uur, toen jij het leven zag
‘k Zie hem nog voor jouw wieg staan met zijn broze
gestalte, en ik zie de rode vlag.
Waarmee hij ver daarvoor vertrok naar Spanje
Hij was zachtmoedig, doch hij koos het front
der strijders tegen ‘t moordend allemanje.
Verslagen kwam hij terug, dubbel verwond ...
Zo luiden de eerste twee strofes van het gedicht ‘Een statenloze’, waarin Gerards zus Frida kort het levensverhaal van haar broer vertelt aan Gerards overlevende zoon Gerard du Bruin junior. De titel refereert aan het lot dat de Nederlandse Spanjestrijders trof bij thuiskomst. In Nederland werd hen het staatsburgerschap ontnomen, omdat zij hadden gediend in een vreemde krijgsmacht. De meesten van hen kregen de Nederlandse nationaliteit pas in de jaren zeventig weer terug. Sinds 2008 hebben de Spanjestrijders ook recht op de Spaanse nationaliteit.
Overlijden
Bron : Online-begraafplaatsen
Vernietigingsinstituut Bernburg, Olga-Benario-Straße 16/18, 06406 Bernburg
"Aktie 14 f 13" in KZ Neuengamme In de overlijdensregisters van het “Speciale Registratiebureau Neuengamme A” medio 1942 kunnen 295 mensen worden geïdentificeerd wier overlijden niet werd geregistreerd in de overlijdensregisters van de ziekenboeg. Het gaat om gevangenen die in het kader van “Aktie 14 f 13” naar de Landes-Heilund Pflegeanstalt Bernburg zijn getransporteerd en daar met gas zijn vermoord. Hun overlijden werd tussen begin juni en begin juli 1942 in grotendeels alfabetische volgorde geregistreerd. Voor zover bekend waren daaronder 45 Nederlanders. Er bestaat helaas geen historische transportlijst met de namen van degenen die getroffen zijn door Aktie 14f13 en die in Bernburg zijn vergast.
In de overlijdensakten van de vermoorde mensen werden doodsoorzaken vermeld die waren verzonnen om de moord te verhullen, die vanwege hun medische nauwkeurigheid aanzienlijk verschilden van de officiële doodsoorzaken van de gevangenen die op dat moment daadwerkelijk in het concentratiekamp Neuengamme stierven.
De meeste gevangenen uit die tijd zouden zijn gestorven aan “maag- en darmcatarre” of “hart- en vaatziekten”, terwijl de Bernburg-slachtoffers andere doodsoorzaken kregen. Mogelijk omdat de vervalste doodsoorzaken afkomstig waren van de ‘medici’ in Bernburg en niet van de SS-kamparts of de griffier op het station.
Ze kwamen aan uit Kz. Neuengamme met bussen met geblindeerde ramen, moesten zich in de keldergang uitkleden en werden daar naar de gaskamer geleid, vervolgens vergast, gecremeerd, en de as werd gedumpt in de rivier de Saale.
Eva Crutzen
Saturday, 24 Jan 2026, 21:43De tak Crutzen werd maar even aangetipt in verborgen verleden van Eva Crutzen, staat ze dan in mijn stamboom, ja dat wel, maar ze is geen familie. Ze is wel familie van Paul Crutzen de Nobelprijs winnaar.
Dat is ook wel een interessante familie. Komen overigens van Hombourg.
Patelsky heeft er ooit een artikel over gemaakt. Moet ik nog eens gaan opduikelen. Want dat heb ik.
Weer hersteld
Monday, 19 Jan 2026, 09:18Een ongeluk zit in een klein gaatje zeggen ze en dat is zo. Op 2 november viel ik over een zakje van Picnic.ik kon niet meer opstaan. Via de Applewatch, die overigens niet uit zichzelf belde, wat wel moet, kon ik mijn buren bellen. Die hebben me overeind geholpen. Maar ik kon niet lopen. Mijn bureaustoel er bij gepakt en toen ben ik gaan zitten, het gebeurde het ‘s morgens. De huisartsenpost gebeld, want 2 november was een zondag, nadat ik honderden vragen had beantwoord, kon ik komen. De bureaustoel naar de auto van mijn buurman. Het linkerbeen er ingewrongen, want daar was ik op gevallen naar het ziekenhuis. Na een onderzoek op de huisartsenpost werd ik naar het ziekenhuis gereden. Mijn buurvrouw is de hele dag bij me gebleven. In het ziekenhuis, kreeg ik eerst 1000 mg paracemol daarna kortdurende morfine en toen dat niet hielp langdurig morfine en dat werd me bijna fataal. In het ziekenhuis werd besloten een röntgenfoto te maken en een CT-scan van het hoofd. Nadat de foto gemaakt was, wat met hevige pijn gepaard ging werd ook besloten om een CT-scan van mijn heup te maken, ik lag toch al in de tunnel. Daar kwam uit dat ik mijn schaambeen gescheurd had en een stukje van van het bekken. Ik heb naderhand de foto gezien het schaambeen was gewoon gebroken, maar omdat ik er niet op was gaan staan was het gewoon op zijn plek blijven zitten. Waardoor een operatie overbodig werd. Eigenlijk moest ik 1 nacht in het ziekenhuis blijven, maar dat ging niet, omdat er geen eten voor een veganist is. Tja Zuyderland. Thuis ging ik van de wereld af. Toen ik bij kwam stonden 2 ambulance broeders naast me met allerlei apparaten in hun handen. Ik moet toch nog eens aan mijn buurvrouw vragen wat er gebeurt was. Ik heb 3 dagen in mijn Stressles geslapen. Bijna niks gegeten, de buurman, die kok is, heeft voor me gekookt. Mijn hond verbleef ook bij de buren. Na 3 dagen kwam pas de thuiszorg op gang. Dat wat het eerste moest, kwam pas na 6 dagen, de poepstoel. Het halve huis werd onder de terrasoverkapping gezet, want ik moest plaats hebben voor een bed en voor de rolstoel. Er kwam ook nog een trippelstoel bij, zodat ik zelf kon koken. Een flexobed ging niet, wachttijd 1,5 maand. Dan moest ik weer kunnen lopen vond ik. Ik ben gaan proberen om zelf uit dat bed te komen mijn linkerbeen moest dan weer kunnen buigen uit zichzelf. Elke nacht met hevige pijn gepaard geprobeerd om die knie weer gebogen te krijgen en na 2 weken lukte dat. Ik moest ook nog op mijn wc kunnen komen. Mijn wc werd verhoogd en samen met mijn ergotherapeut hebben we dan een manier gevonden. Mijn thuiszorg kon stoppen, na 3 weken. Met veel verdriet nam ik afscheid, want het was elke dag het lichtpuntje, de lieve mensen van de thuiszorg over de vloer te krijgen. Maar goed ik wilde voor 18 december weer kunnen lopen, want dan had ik een afspraak in het mumc voor mijn allergieën. Ik kreeg wel nog gezegd, dat ik de enige was die zich niet liet hangen.
In de tussentijd was ook Nicole de fysiotherapeut die ik al 23 jaar heb bij me geweest en we hadden oefeningen afgesproken en ik had er zelf nog wat verzonnen. 11 november was ik nog in het ziekenhuis geweest voor een foto. Het was al het helen, de specialist vond dat uitzonderlijk. Dat duurde normaal veel langer. Zei hij. 1 maand later liep ik weer. Werd het bed weer verwijdert en kwam alles weer in de normale toestand. 3 dingen heb ik nog pijn in mijn lies als ik wandel, maar dat gaat wel over denk ik dan maar en een gevoelloos gedeelte in mijn rechterbeen. Er zal wel ergens nog een zenuw knel zitten. En ik heb nog het meanderslot en de verhoogde wc. Deze week worden foto’s gemaakt en als alles goed is gaan de laatste stukjes ook weer weg. Dan is alles weer “normaal’
Mijn speciale dank gaat uit naar Heidi en Michel, naar Corine die voor mijn en mijn hondje gezorgd hebben. En naar Saskia die me de fotoboeken van Mariet gebracht heeft, zodat ik wat te doen had.
En naar al die mensen die, me gemist hebben me beterschap wenste als ze Heidi of Corine tegen kwamen met mijn hondje.
Boek 7
Saturday, 17 Jan 2026, 09:20Boek 7a en b is uit. Nu moet ik weer gaan zoeken waar ik gebleven was in boek 6. Want door een huwelijk tussen Delahaye en Lahaye was ik in boek 7 terecht gekomen. Ik heb nu bijna 39.000 mensen in de stamboom staan. Doordat ik de vrouwelijke lijn doe, zijn nog 2 stukjes die achteraan in boek 7b staan toegevoegd aan de stamboom. Boek 8 is een aparte stamboom, maar ook daar zal wel ergens een koppeling zijn, daar ben ik van overtuigd. Maar die kan ik altijd nog koppelen. We hebben nog ff wat te doen.
De wereld is klein
Saturday, 13 Dec 2025, 10:19Crutzen, Frederix, Gouders, SourenIk kreeg gisteren een paar bidprentjes die betrekking hadden op de familie Souren en de familie Frederix. en bij de familie Frederix stond een Anna Gouders die weduwe was van Siem Frederix. Bij het RCL van Maastricht vond ik het huwelijk. de namen moesten zijn Anna Barbara Gouders en Simon Johan Frederix. bij het huwelijk staan altijd de ouders en beide ouderparen had ik al. Simon Johan blijkt de jongere broer te zijn van Wiel Frederix de vader van Leon en Peter. die met Tante Net getrouwd was. Anna Barbara blijkt een nichtje te zijn van haar tante Anna Barbara Gouders die met Jan Joseph Hubert Crutzen getrouwd was en die Jan Joseph Hubert is een broer van mijn Opa Hubert Paul Crutzen. De kinderen van Jan Joseph Hubert zijn Paul Crutzen mijn kapper in mijn jeugd die op Chevremont woonde en Professor Cortini, wat een artiestennaam is die met goochelen het kamp in Birma wist te overleven in WOII.
We leven in een kleine wereld, en de familiebanden zijn vaak korter dan we zelf denken te weten.
Petrus Romanus Sonville
Saturday, 25 Oct 2025, 06:48Petrus Romanus Sonneville trouwt met Maria Catharina de la Haye. Hoofdstuk 12 boek 7. Maria Catharina komt met 37 jaar te overlijden en dan trouwt hij nog met Rosalie Maria Hubertina Faulhaber.
Met zijn eerste vrouw krijgt hij 7 kinderen waarvan er 3 als kind te komen overlijden. met zijn tweede vrouw krijgt hij 3 kinderen, waarvan er 1 komt te overlijden. Petrus Romanus was de graveerder en ontwerper van Spinks Ceramique van Peter Ragout in Maastricht. zijn zoon Joseph Emmanuel Eduard volgt hem op. zijn moeder is Maria Catharina de la Haije. Peterus Romanus heeft zelfs een Wikipedia bladzijde en het boek besteedt er totaal geen aandacht aan. dat is echt schandalig als je het mij vraagt. Vrouwen tellen blijkbaar niet bij de makers van het boek.
Michaël Schoon of te wel waarom je de vrouwelijke lijn moet doen.
Monday, 06 Oct 2025, 09:29Michaël Schoon is een zoon van Simon en een kleinkind van Gertrudis Lahaye die geboren is in 1851 en overleden is in 1920. Michaël trouwt eerst met Susanne Benedictus, maar dit meisje komt in 1936 te overlijden. in 1938 trouwt hij met Maria Humblet en die had ik al in de stamboom staan en als ik die Maria Humblet terug vervolg kom ik wederom uit bij dezelfde stamvader. het onderling trouwen bij de Lahaye uit boek 7 is enorm. maar nogmaals dat kun je alleen maar vinden door de vrouwelijke lijn te doen. de kindersterfte is ook enorm ook na 1928 de uitvinding van de penicilline.
Frans Laurentius Leclair
Saturday, 04 Oct 2025, 11:44Ik heb al eens eerder vertelt dat ik in tegenstelling van de boeken, ook de vrouwelijke lijn doe. Die vrouwelijke lijn levert vaak verrassende ontdekkingen. Zo stuitte ik op de familie Schaufele. Op Johan Ferdinand Schaufele die getrouwd is Maria Catharina Bouwmans. De oma van Maria Catharina is Gertrudis Maria Lahaije die getrouwd is met Reinier Francis Bouwmans. Aangezien ik de overlijdensdatums niet vond ben ik opzoek gegaan in Delpher, of ik iets kon vinden en stuitte op een overlijdens advertentie van de Familie Stams. Maria heb ik ook maar vast een mail gestuurd met de vraag of dat familie is. In een andere advertentie vind ik de overlijdensadvertentie van Johanna Maria Beckman. De moeder van Ferdinand, maar in die zelfde advertentie staat eerst Terwinselen en dan Leclair-Schaufele, dat moet ik dan verder onderzoeken want dat zou de Leclair van de Maarstraat kunnen zijn en inderdaad het is Frans Laurentius Leclair die geboren is in Heerlen, maar een doodgewone bankwerker was en getrouwd was met Cornelia Berendina Schaufele die geboren is in 's Gravenhage de vader was in 1936 een caféhouder, maar voor die tijd staat er iedere keer zonder beroep. De kinderen zijn in allerlei plaatsen in België, Duitsland en noord Nederderland en Gelderland geboren dat je de indruk krijgt dat het zigeuners of zwervers waren. Zo zie je maar weer, dat mensen die menen wat meer te moeten voorstellen vaak niks voorstellen. Nu komt de naam Leclaire al eens eerder voor in de stamboom, maar zover ik zie is dat geen familie.
Toen we nog kinderen waren.
Thursday, 04 Sep 2025, 01:43De familie Delahaye waren dan wel 14 nog levende kinderen, maar binnen die familie had je natuurlijk kliekjes. De 2 jongste zussen waren 4 handen op 1 buik, ze trouwde niet alleen samen, maar bespraken ook veel samen. Dan had je het Terwinselen kliekje. Tante Maria en Tante Bertha allebei met kroost, hoewel we de oudste kinderen van tante Maria en Bertha niet vaak te zien kregen. Het oudste kleinkind, dat was Emmie Hoen was 16 jaar ouder als ik was. Maar zo de kinderen van mijn leeftijd en jonger zagen elkaar regelmatig op de vele communies die er waren. Ome Rim was niet alleen de fotograaf maar ook vaak de peetoom van een boel kinderen. Wij hadden 7 kinderen. In ons gezin kwamen de ooms en tantes aan de beurt als peetoom of peettante bij mij. Mijn oudste zussen hadden beide oma’s maar ik begon met ome Rim en tante Tila. En als er dan een feest was, dan kwamen ze met het hele gezin. Om de kroost een hele dag bezig te houden, werd er gewandeld en veel gespeeld en dat is terug te vinden op al die foto’s die Rim maakte. Dan wordt je ouder, iedereen gaat zijn eigen weg. Van de kinderen van weleer blijven alleen de herinneringen en als je dan weer eens een foto ter hand neemt zie je ze weer altijd voor je. Dan komen al die lieve tantes en ooms te overlijden, je gaat naar ze toe naar de begrafenissen om met anderen de leuke tijd te koesteren. De herinneringen voor even levend te houden en als de laatste overleden is heb je alleen nog ons zelf. Maar nu is men aan onze generatie begonnen. Aan de kinderen van tante Maria, Bertha, Net, Tila, Tiny, en oom Rim.
Truus, Mathieu en nu Frans zijn onze leeftijdsgenoten. Mariet en Bertha, waren van de ouderen kinderen, ook Emmie en Annie en Jo en die van ome Sjeng. Het langzaam afkalven van onze generatie van ons kliekje is begonnen.
Wij zijn aan de beurt.
Kijken of ik nog wat kan slapen, of ik de herinneringen aan de tijd dat we nog kinderen waren te dempen.
In memoria.
Wednesday, 03 Sep 2025, 20:15Ik krijg zojuist het bericht dat Frans Habets is is overleden. Frans is de oudste zoon van Tante Tila. Tante Tila was mijn peettante. Frans was 2 jaar jonger als ik ben en ik ben hem vaak in mijn jeugd tegen gekomen als ik met mijn fietsje naar Ubachsberg reed om bij mijn tante op bezoek te gaan. Van Frans heb ik ook vernomen waarom ik zo in de watten gelegd werd als ik bij mijn tante was. Ze wist hoe zwaar ik het had thuis. Het heeft me toen enorm geholpen om mijn zelfvertrouwen terug te vinden.
Hij heeft ook de stamboom gemaakt van de familie Habets. Alleen mijn naam klopt niet meer. de laatste bewerkingsdatum is 2011 en toen was mijn label nog niet verandert.
Frans is van mijn onze generatie en dat komt aan.
Ik wens zijn familie zijn vrouw en kinderen zijn broer en zussen zijn neven en nichten heel veel sterkte toe en laten we de mooie herinneringen die we hebben van Frans koesteren.
Viviënne
